Normaal gesproken hoor ik op de piste alleen het gekraak van sneeuw onder mijn ski’s en het geruis van de wind. In Portes du Soleil klinkt er ineens iets anders: een drumbeat, een basgitaar en duizenden mensen die meezingen op 2.000 meter hoogte.
Welkom bij Rock the Pistes. Het enige festival ter wereld waar je skipas ook je toegangsbewijs is.
Ik was er voor het eerst op dit wintersport festival en hier lees je hoe de show was.
Rock the Pistes
wat is dat eigenlijk?
Laat ik beginnen met het decor. Rock the Pistes vindt plaats in Portes du Soleil. Het skigebied verbindt Frankrijk en Zwitserland met elkaar en is een van de grootste aaneengeschakelde skigebieden ter wereld. Hier speelt zich al veertien jaar iets af dat nergens anders bestaat: Rock the Pistes. Het festival dat midden op de skipistes plaatsvindt.
Het concept is vrij simpel en tof bedacht. Overdag ski je naar een podium op de helling (ongelooflijk uitzicht op de bergen inbegrepen) waar een band optreedt. Poprock, elektronisch, reggae, rap; de line-up is feestelijk genoeg om iedereen lekker op de been te houden. Later op de dag verplaatst het feest zich naar de omliggende dorpen, waar de muziek doorgaat in cafés, bars en op dorpspleinen. Dit jaar staan onder meer Trinix, Wepa Wepa, Cachemire en Nèg’ Marrons op het programma en ik laat me aangenaam verrassen.

Perfecte timing, goed geregeld
- Het festival speelt zich af in de derde week van maart. Dit betekent langere dagen, rustige pistes, kortere wachtrijen en lagere prijzen dan tijdens het hoogseizoen.
- Je skipas is je festivalticket, dus je hoeft geen extra tickets te kopen.
- De podia liggen expres vlakbij skiliften en zijn te voet bereikbaar vanuit de dorpen, dus iedereen kan dit bezoeken.

Mijn eerste indruk van Rock the Pistes
Ik zit in de trein, zie de bergen op me afkomen en betrap mezelf op de gedachte: zo’n enorm skigebied, hoe regelen ze daar een festival? Ik had het misschien een tikkeltje onderschat. Het concept is nieuw voor me en ik besluit het gewoon op me te laten afkomen.
Mijn eerste overnachting is in Hôtel Fleur des Neige in het Franse dorp Châtel. Een gezellige locatie met adembenemend uitzicht op de bergen en de typische houten chalets. Ja, ik ben gearriveerd in mijn favoriete omgeving.
Na een korte stop is het meteen tijd voor het eerste concert op de piste: Cachemire. Skiën staat vandaag niet op het programma, dus ik stap zonder latten de skilift in. Benen bungelend, licht onwennig gevoel. Boven aangekomen, is de muziek al in volle gang. Hier komen meerdere pistes samen en in het midden staat het podium, omringd door bergrestaurants en skiliften. De zon schijnt, het is gezellig druk en de sfeer is direct goed.

Ik moet bekennen dat ik meestal de rust zoek in de bergen. Maar dit? Dit werkt ook! Muziek op zo’n plek verbindt mensen op een bijzondere manier. Je deelt al het plezier van skiën en de natuur, en de muziek is de laag die er bovenop komt. Ik stap de lift weer in en denk: even een concert bijwonen op 2.000 meter hoogte, wie had gedacht dat het zo makkelijk ging? Dat is wel even wat anders dan een avondje Ahoy in Rotterdam.
Heerlijk skiën in Portes du Soleil
Portes du Soleil is een skigebied met twaalf aaneengeschakelde dorpen en zo’n 600 kilometer aan pistes. Inmiddels een van mijn favoriete wintersportbestemmingen. Hier ski ik op goede hoogtes met betrouwbare sneeuwzekerheid (thuis bekijk ik de jaloersmakende webcambeelden waarop maar sneeuw blijft vallen). Tegelijk heeft het gebied heerlijke brede pistes voor wintersporters met uiteenlopende niveaus. Lekker carven, fun slopes, afdalingen door mooie bossen; hier kun je goed op ontdekkingstocht.

Wat me ook zo aanspreekt, is dat het ondanks de drukte zelden vol voelt. Het gebied is gewoon zo groot dat de bezoekers goed uitgespreid worden. Op een paar centrale punten na (bijvoorbeeld rondom Avoriaz) ski je met een handjevol anderen om je heen. Op een gegeven moment begonnen we vanuit de lift maar mensen te tellen op de piste. Welgeteld één. Deze dagen breng ik vooral door in het Zwitserse deel – Morgins, Champoussin en Les Crosets – en dat is aanzienlijk rustiger dan het Franse deel. Fijne variatie en ruimte zat.
Volle dagen skiën én muziek luisteren
Dat klinkt voor mij al als een perfecte combinatie. De eerste skidag begint vroeg met een skisafari door het Zwitserse deel en een stukje Frankrijk. Landhoppen, maar dan op latten. Na het derde bericht op mijn telefoon dat ik wéér een grens was overgestoken, keek ik er niet meer van op. Zo grappig hoe makkelijk je hier van land naar land skiet.

Het Zwitserse deel was voor mij nog onbekend terrein, maar het heeft me echt verrast. Een speelse omgeving en weids uitzicht op de Dents du Midi, Dents Blanches en het topje van de Mont Blanc. We vertrekken direct naar een van de hoogste punten voor een stuk door de poedersneeuw. Even het uitzicht in ons opnemen en dan banen we ons een weg door wat verdwaalde bomen… waarbij ik ook even vol sneeuw hap. Ik moet nog steeds lachen om de video’s.

Deze dagen voeg ik nieuwe afdalingen toe aan mijn favorieten: de rode en zwarte pistes rondom de Mossette-Suisse-lift bij Les Crosets en de pistes bij de Bochasses-lift. Wijde, rustige pistes en goed geprepareerd. En mijn tip: uitwaaien doe je het best op de lange blauwe afdaling bij Col des Portes du Soleil terug naar Morgins. Skiën is het nauwelijks te noemen: meer voortglijden terwijl je de omgeving in je opneemt. Ideaal, vooral na een zware lunch met tartiflette. Uitbuiken 2.0.
Twee middagen staan in het teken van de grote optredens op het plateau bovenaan bij de Morgins-gondel. En wát een uitzicht – je kijkt langs het podium zo naar de Dents du Midi. We zien het podium in sneltreinvaart opgebouwd worden en ik ski er al meerdere keren langs. Je voelt dat er wat aankomt. Trinix op één dag, Nèg’ Marrons op de andere. Binnen no time stroomt het plateau vol, terwijl een paar skiërs voorbijkomen. Iemand tikt me aan: “Zie je die piek daar? Dat is de Mont Blanc.” De concerten duren zo’n anderhalf uur, dus daarna kun je gewoon weer verder met skiën. Prima afwisseling wat mij betreft.

Beneden bij de gondel gaat het feest verder. Op het plein staan marktkramen en er speelt livemuziek. Dit is de Off the Pistes: het avondprogramma van het festival, met optredens in de dorpen en bars. Minder het standaardtype après-ski, meer een alternatieve en gezellige sfeer met uiteenlopend publiek. En daarna? De sauna in, helemaal voor mezelf! Wat een luxe.



Even ontsnappen aan de drukte
De meeste dagen verblijf ik in Hotel Helvetia in Morgins. Het is een fijn dorp met een gezellige sfeer dankzij de muziek, het skiën en de dorpse levendigheid. Maar een gebied leer je ook kennen door de compleet andere kant op te zoeken: rust en het gevoel van buitenleven.
Dat gevoel vind ik bij Restaurant agritourisme du Vieux They. Eigenaren Claudine en Maurice houden deze plek het hele jaar open. In de zomer bereikbaar te voet, met de fiets of auto. In de winter alleen via geprepareerde wandelpaden door het bos. We wandelen zo’n 45 minuten over het Ponts-pad langs de rivier de Vièze en arriveren in het donker. Ik kan me voorstellen hoe afgelegen en rauw deze plek overdag moet zijn. Onder de heldere sterrenhemel zie ik de lichten van het restaurant in de verte.


Binnen vult de avond zich met overheerlijke kaasfondue – hoe kan het ook anders – en lachwekkende anekdotes van Maurice. Vol trots laat hij fotoboeken zien van de locatie, de feestelijke terugkeer van de hérens-koeien naar de bergweiden en de prachtige omgeving. Ik begrijp wel waarom hij het een klein paradijs noemt. Maar of we wel goed willen opletten tijdens de terugwandeling, zegt hij bij het afscheid. Hij stond hier laatst nog oog in oog met een wolf.
Met de trein naar Portes du Soleil
De dichtstbijzijnde treinstations zijn in Frankrijk Thonon-les-Bains en Cluses. In Zwitserland zijn dat Champéry en Aigle. Omdat ik in Morgins verblijf, pak ik de trein naar Aigle en neem daar een transfer naar het dorp.
Vanuit Rotterdam reis ik rechtstreeks naar Parijs en daar stap ik over op de trein richting Genève en Aigle. Reken op zo’n acht uur reistijd. Met ruime zitplaatsen, wifi aan boord en de mogelijkheid om tot drie stuks bagage plus een skirugzak mee te nemen, is het comfortabeler dan je denkt.
De trein past ook goed bij de insteek van Rock the Pistes zelf, dat bewust kiest voor duurzaamheid, zoals minder podia verplaatsen, artiesten die al op tournee zijn in de regio en recyclebare bekers. Zelf met de trein komen sluit daar mooi op aan.

Overnachten en eten: voldoende energie voor het dansen en skiën
- Ik verbleef in Hôtel Helvetia (Morgins) en Hôtel Fleur des Neige (Châtel). Beide centraal gelegen en op loopafstand van de skiliften.
- Restaurant agritourisme du Vieux They. Een eindje lopen, maar elke stap waard.
- Le Vieux Four. Rumoerig en gezellig, zo’n restaurant met typische bergsfeer. Bestel hier zeker de Berthoud: een traditioneel kaasgerecht met beschermd recept.
- Ga dineren bij Au 17 La Buvette in hartje Morgins. Knusse sfeer, vriendelijk personeel en heerlijk eten.
- Tijdens het skiën een lunchpauze inlassen bij Auberge Restaurant Chez Gaby 1670 met uitzicht op Dents du Midi. Zet mij maar hier neer en haal me later maar op.

Rock the Pistes is voor herhaling vatbaar!
Als ik ga skiën, vullen mijn dagen zich gauw vanzelf. Maar met skidagen, concerten op de piste én optredens tot in de avond in het dorp had ik hier echt het gevoel tijdtekort te hebben. Ik wilde overal bij zijn, me helemaal laten opslokken door het gebied en de sfeer.
Wat ik zo bijzonder vind, is dat dit enorme skigebied het festival toch weet te laten aanvoelen als behapbaar en knus. Het is goed georganiseerd en geeft een samenhangend gevoel. En dan zit ik weer in de trein terug en vraag ik me af of ik in een zorgeloze droom was beland. Lekker over de top misschien, maar ik heb er oprecht van genoten.
Wil jij dit festival meemaken? Lees hier praktische informatie over Portes du Soleil en houd alvast de officiële festivalwebsite van Rock the Pistes in de gaten voor volgend jaar.

Philine stond als peuter al op de ski’s. Niet verwonderlijk, met een Zwitserse familie. Ze groeide op met familiewintersport en verkende verschillende skigebieden. Als kind ging ze al vol gas de berg af. Inmiddels is het voor Philine geen winter meer als er geen sneeuw ligt. Iedere winter vertrekt ze naar de bergen voor sneeuw, wintersport, gezelligheid en glühwein. Sinds drie jaar brengt ze haar winters door in de Franse Alpen. En vanuit daar deelt ze haar grote liefde met ons.




